Aanmelden




Laden…

Even geduld...

WW 4: Meer lezen, beter in taal!   Kijk eens door een leesbril…(L)

Daniëlle Daniëls, navormer leesbevordering en taalvaardigheid, met zelf ook veel ervaring in het onderwijs als onderwijzeres, boekenjuf, remedial teacher en procesbegeleider van kinderen met leesproblemen.

Wie meer leest, wordt beter in taal. Dit klinkt niet alleen logisch, het is ook echt zo. Meer lezen heeft een bewezen positief effect op woordenschat, spelling, grammatica, begrijpend lezen en schrijven.  Maar hoe pak je het leesonderwijs dan concreet aan in een context met een grote diversiteit? Ken jij KWARTIERMAKERS? In deze sessie krijg jij informatie over een pilootproject in Vlaanderen. Jij hoort hoe jij als leidinggevende je team kan coachen om de taalontwikkeling van alle kinderen te bevorderen.

Zin in een waaier aan tips en praktijkvoorbeelden schrijf je dan in!

 

WW 6: Een blik door de sterrenkijker naar je team: redelijke aanpassingen.(A)

Greet Vanhove, pedagogisch begeleider Dienst lerenden. 

Vertrekkend vanuit het M-decreet bekijken we het inschrijvingsrecht en het recht op redelijke aanpassingen.

Wat doe je met de inschrijvingsvraag voor een leerling met een verslag dat toegang geeft tot het buitengewoon onderwijs?

Welke stappen moet je als school zetten? Hoe verzamel je informatie? Wat is de rol van het CLB? Hoe bepaal je wat redelijk is? Welke criteria moet je hanteren? Hoe en met wie doe je dit? Wat met een ingeschreven leerling waarvan de noden wijzigen?

Aansluitend op dit hele pak informatie maken we in groepjes een oefening rond de afweging van de aanpassingen aan de hand van een casus.

De deelnemers brengen hiervoor een anonieme casus uit eigen school mee.

Tot slot luisteren we naar elkaars suggesties: Hoe ga ik hiermee aan de slag gaan binnen ons schoolteam? Hoe sluit dit aan bij de zorgvisie en het zorgbeleid binnen onze school?

 

WW 8: Kijk eens door de bril van meertaligheid.(K)

Fien Loman, pedagogisch begeleider Dienst Curriculum en vorming Team Basisonderwijs

 

De kinderen in onze scholen leven in een meertalige samenleving. Veeltalig zijn is één van de belangrijkste competenties in de huidige maatschappij. Steeds meer onderzoek wijst ook uit dat thuistaal een plaats geven in het onderwijsproces positieve leereffecten oplevert. Directies worden dus uitgedaagd om een meertalig taalbeleid uit te werken. In deze sessie bekijken we mogelijkheden, praktische voorbeelden, methodieken… om aan de slag te gaan op de eigen school. We bekijken ook de IDP-proef van taalbeschouwing waarin kinderen werden uitgedaagd tot meertalige taalbeschouwing.

  

WW 9: Zin in leren! Zin in leven! Enthousiast uitkijken naar het nieuwe leerplanconcept.(A)

Kris De Ruysscher, pedagogisch begeleider Dienst Curriculum en vorming Team Basisonderwijs 

Directeurs worden uitgedaagd om van de invoering van het nieuwe leerplanconcept een geslaagde implementatie te maken. Tijdens deze workshop neemt de projectleider van het de leerplaninnovatie de deelnemers mee in oefeningen die inzicht verschaffen in de contouren van een geslaagde implementatie. Er worden bruikbare kaders aangereikt. De werkvormen die gehanteerd worden geven niet alleen een frisse kijk op effectief implementeren, ze kunnen ook inspireren voor de eigen praktijk met het team. Deelnemers mogen zich verwachten aan een actieve, inspirerende workshop.

  

WW 10: Ik zie, ik zie wat jij niet ziet: beschouwen van kunst door een andere bril.(K+L)

Gabriella De Francesco, nascholer bij Katholiek Onderwijs Vlaanderen 

Het beschouwen van kunst is een belangrijk aspect van de muzische vorming doorheen het basisonderwijs.  Als leerkracht zorgt je er mee voor dat je klas in contact komt met kunst en cultuur.  Leerkrachten moeten kinderen begeleiden om nieuwsgierig en gericht te leren kijken en luisteren.  In deze sessie bekijken we verschillende soorten kunstvormen, om er enkele praktische inzichten rond beschouwen op toe te passen.  We maken gebruik van bouwstenen, werkvormen en van enkele vaste stappen om beschouwgesprekken- en oefeningen aan vast te haken.  

 

WW 11: Co & co samen voor de klas: een meerwaarde? (K+L)

Annemie Jennes, stafmedewerker Dienst Lerenden, Katholiek Onderwijs Vlaanderen. 

In het pilootproject ‘samen sterker op de klasvloer’ met middelen van de prewaarborg­regeling trekken we resoluut de kaart van ‘co-teaching’. Co-teaching gebruiken we hier in de context van inclusief onderwijs waarbij een leerkracht gewoon basisonderwijs en een personeelslid uit het buitengewoon basisonderwijs samen een co-team vormen. Ze staan gedurende twee à vier dagen per week als gelijkwaardige partners samen voor de klas. Dit wil zeggen: samen lessen of activiteiten voorbereiden, uitvoeren, evalueren en bijsturen,rekeninghoudendmet de aanwezige specifieke onderwijsbehoeften en zorgvragen van leerlingen. Geen evidente klus! Een leerkracht gewoon onderwijs kan immers niet alleen met een leerkracht uit het buitengewoon basisonderwijs ‘co-teachen’, maar ook met een orthopedagoog, psycholoog, logopedist, kinesist of ergotherapeut… Hoe krijgt co-teaching in dit project vorm? Bestaan er verschillende vormen van co-teaching? Welke zijn de meest efficiënte? Hoe ervaren de betrokken leerkrachten en paramedici dit? Hoe kijken de begeleiders competentieontwikkeling die het pilootproject begeleiden hier naar? En de leerlingen… ? Op 1/9/2015 zijn een 80-tal co-teams in dit pilootproject aan de slag gegaan. De hamvraag is: “is co-teaching een hefboom naar meer en kwaliteitsvol inclusief onderwijs?” Hoe kijkt u ernaar? Ook iets voor jouw school?

  

WW 12: Met welke bril kijkt je team naar ‘het eigen opvoedingsproject’? (K+L)

Héléna Vanden Berg, nascholer bij Katholiek Onderwijs Vlaanderen 

Met welke bril kijkt jouw team naar het eigen opvoedingsproject? Heeft het team het eigen opvoedingsproject in de vingers? Wil je samen met je team ‘het schooleigen opvoedingsproject’ opnieuw uitwerken? …

In deze werkwinkel kan je kennis maken met enkele interactieve werkvormen.

A.d.h.v. voorbeelden van collega’s kan je ontdekken hoe zo’n ‘eigentijds opvoedingsproject’ eruit kan zien.

De opdrachten voor het Katholiek Basisonderwijs in Vlaanderen (OKB) zijn onze basis om te werken aan het schoolbeleid, de eigen(christelijke) identiteit, de kwaliteit van je onderwijs, de samenhang in het schoolleven….

Deze weg van reflectie en dialoog kan in je team verbondenheid creëren.

 

WW 15: Meditatie, stiltemomenten en stilteklas op school.(K+L)

Inse Van Rossom

Een korte introductie over hoe mediteren kan bijdragen tot de totaalontwikkeling van ieder kind. Rust en stilteoefeningen aanbieden als tegengewicht  van onze drukke, soms prestatiegerichte omgeving. In deze workshop krijg je een aanzet om hieraan tegemoet te komen op school en in de klaspraktijk.

 

WW 16:  Kijken door de bril van FLITSBEZOEKEN! (A)

Rita Mouton en Kristien Coppens, pedagogisch begeleiders regio Mechelen-Brussel en regio Gent. 

Als schoolleider werk je, samen met je team, voortdurend aan de kwaliteit van het onderwijs in jouw school, maar…

Heb jij als directeur voldoende zicht op de kwaliteiten en de talenten van je leerkrachten? Weet jij hoe zij in de klas het onderwijs organiseren en hoe zij omgaan met hun leerlingen? Zou jij graag je leerkrachten vanuit een POSITIEVE BRIL willen begeleiden en motiveren?
Heb je zin om met hen in gesprek te gaan over hun onderwijspraktijk?

Het antwoord op deze vragen is vaak gekend: “Graag, maar wanneer moet ik dat doen? “

Flitsbezoeken kunnen een oplossing bieden.

Het is een onaangekondigd, doelgericht klasbezoek dat 3 tot 5 minuten in beslag neemt. Het flitsbezoek is niet bedoeld om te beoordelen,  maar is ontwikkelingsgericht. Je vergroot het reflecterend vermogen van de leraren en je creëert op je school een professionele sfeer waar je van en met elkaar wil leren.

  

WW 17: Zet je zonnebril op! We trekken naar buiten! (K)

Soraya Fret, pedagogisch begeleider Dienst Curriculum en vorming Team Basisonderwijs 

Spelen is voor jonge kinderen fundamenteel. Het is als het ware de motor die de ontwikkelingstrein op gang trekt. Kleuters spelen een hele dag door, in de klas maar ook daarbuiten.

Buiten spelen is voor kinderen belangrijk.  Buiten kan je immers andere dingen ontdekken, doen en leren.  Daarnaast is  voor een toenemend aantal kinderen  de speelplaats zelfs de enige plek waar ze regelmatig vrij buiten kunnen spelen.

In deze sessie kijken we door een andere bril naar de speelplaats: welke kansen biedt de speelplaats? Welke materialen, activiteiten en begeleiding voorzien we om de ontwikkeling van de kleuters ook te prikkelen buiten de klas? Wat is de rol van de leerkracht en het team?

Aan de hand van actieve werkvormen, fotomateriaal en de publicatie

‘Buiten spelen!’ geven we je inspiratie om de eigen speelplaatswerking onder de loep te nemen.

Deze sessie is een herneming en bedoeld voor directeurs kleuteronderwijs. Aan de deelnemers wordt gevraagd om foto’s mee te brengen van hun speelplaats. Er is ook de mogelijkheid om de publicatie ter plekke aan te schaffen.

  

WW 18: Wat werkt in de klas? (A)

Marc Mathyssen en Nele Van Oosten, pedagogisch begeleiders regio Antwerpen. 

In deze sessie willen we je door een andere bril naar het professionaliseren van leerkrachten laten kijken. Je dient de leerkracht gepast bij te staan in het onderwijzen en opvoeden. Dit vraagt van de leerkracht een open geest, een warm hart en een aantal basisvaardigheden. Deze vaardigheden situeren zich op drie terreinen: organisatorisch, didactisch en pedagogisch. In deze sessie zetten we de kwaliteitsvolle interactie tussen leerkracht en kind voorop.

We gaan het over ‘simpele dingen’ hebben: de focus en de aandacht voor  praktische vaardigheden  die het dagelijks lesgeven en opvoeden effectiever, makkelijker en leuker kunnen maken. Leerkrachten moeten zich kunnen focussen op hun kerntaken, met name op leren en opvoeden of anders gezegd op  ‘de binnenkant’ van het onderwijs. We maken kennis met 20 bouwstenen die hierbij kunnen helpen.

 

WW 20: Door de bril van STEM: Science, Technology, Engineering, Mathematics (L)

Hilde Hendrickx, pedagogisch begeleider Dienst Curriculum en vorming Team Basisonderwijs 

Het stemactieplan van de overheid wil scholen aanzetten om meer werk te maken van STEM. In deze werkwinkel onderzoek je wat STEM precies inhoudt en hoe STEM een plaats krijgt binnen het leerplan wereldoriëntatie. Je krijgt handreikingen om binnen je school via diverse invalshoeken werk te maken van krachtig STEM-onderwijs.

  

WW 21: Kennismaking met “situationeel leiderschap”.

Of hoe Bart, Els, Rudy en Griet het aanpakken.(A)

Frans De Boeck 

Persoonlijkheid, karakter, inlevingsvermogen, empathie, resultaat- en/of mensgericht, motivatie of demotivatie, … van onszelf en de medewerker(s) beïnvloeden het proces en de manier waarop veranderingen totstandkomen. 

“Situationeel leiderschap (SL)” stemt de stijl (niet de doelen) van leidinggeven af op de medewerker(s). SL kijkt met een andere bril naar de dagelijkse praktijk van leidinggeven. Het geeft de leidinggevende een inzicht, structuur om het eigen handelen te analyseren en aan te passen aan de situatie waarin de medewerker(s), de groep of school zich bevinden. Met deze bril wordt ook gekeken welke gedrag, communicatie, taal kunnen leiden toe een hogere motivatie en/of veranderingsbereidheid van de medewerker(s).

Een aantal aspecten van SL komen aanbod zoals: begeleiden (leiden) via verwachtingen en/of doelstellingen, persoonlijke leiderschapsstijlen, leidinggevende coach, skills & wills van de leidinggevende en medewerker(s), …

  

WW 22: Eerst bewegen, dan leren.(K+L)

Marianne Peeters en Karen Nackom, kinesist en pedagogisch begeleider regio Mechelen-Brussel. 

Deze werkwinkel biedt een kennismaking met een motorisch oefenprogramma dat kan worden uitgevoerd in de klas (doelgroep; laatste kleuterklas en 1 ste en 2 de graad). Dit programma heeft een preventief karakter en speelt in op de motorische onrijpheid van kinderen en de leermoeilijkheden die daaruit voortvloeien; niet kunnen stilzitten, schrijfproblemen, concentratiemoeilijkheden, moeizaam lezen en rekenen, … De klasleerkracht voert dagelijks de bewegingen uit gedurende een 5-tal minuten zonder dat er extra materiaal aan te pas komt. De kracht van het programma zit in de eenvoud en het repetitief karakter van de bewegingen, waarvan is bewezen dat het de voorwaarden om tot leren te komen traint. Kinderen leren via een motorische weg beter automatiseren en spreken hun volledig leerpotentieel aan; wat erin zit, kan eindelijk ook getoond worden.

In deze werkwinkel wordt een korte screeningstest aangebracht die leerkrachten een extra ondersteuning kunnen bieden bij het inschatten van de leermogelijkheden van een kind. En er wordt een aanzet gegeven tot een neuro- motorisch bewegingsprogramma dat ingezet kan worden op klas- en schoolniveau. Beweging is immers universeel en zeer dankbaar om op een korte tijd veel kinderen mee te bereiken, ongeacht de taal die ze spreken of de rugzak die ze dragen. 

  

WW 23: God zit tussen mijn kleuters! (K)

Sophie Veulemans, inspectie-begeleiding r.k.-godsdienst. 

Vaak geven leerkrachten uit de kleuterschool aan geen plaats te kunnen geven aan ‘God’ in hun klas. De figuur van Jezus wordt via allerlei didactische materialen visueel zichtbaar gemaakt, maar God lijkt zich minder concreet aan te dienen, waardoor er soms nauwelijks godsbeelden worden aangeboden in de kleuterklas. Deze werkwinkel is een uitnodiging om eens door een andere bril te kijken naar de kleuters en hun klas. Op die manier kunnen we samen ontdekken welke vindplaatsen voor God al aanwezig zijn en welke verder kunnen worden aangeboord.

 

WW 24: De directeur legt de bril even af! (A)

Herman Frooninckx 

In dit seminarie leggen we de bril van directeur even opzij. Wie met groepen omgaat, beseft al snel dat het om een dynamisch gegeven gaat. Zoals de leraar dat weet in zijn  klassen: de ene eerder tegendraads, de andere echt coöperatief. Dat ervaart elke  directeur met zijn medewerkers.  Hier ontstaat  een zootje ongeregeld,ginds lijkt het een dreamteam. Daartussen zit zowat het hele lerarencorps, met heel veel schakeringen.  De directeur die  de vaardigheid ontwikkelt om de “state of mind”, de maturiteit, van een groep te kunnen lezen, en het gedrag kan duiden,  maakt kans –mits goed leiderschap- om die groep te coachen naar groei en meer performantie. Interactie is het kernwoord.

Om groepen te leiden is inzicht in groepsdynamische processen een groot pluspunt. Daarvoor doen we nog eens beroep op de inzichten van Tuckman en van de transactionele analyse.

Tegelijk ontdekken we dat interpersoonlijke vaardigheden altijd nauw samengaan  met intrapersoonlijke vaardigheden. Anders gezegd: je eigen dynamieken kunnen lezen en aansturen is een voorwaarde om dat met individuen/groepen rondom  je te kunnen doen. De directeur ontmoet anderen, als hij zichzelf heeft ontmoet.

De workshop is interactief (en veilig!)

 

WW 30: Preventief omgaan met probleemgedrag in de school (A)

Albert Janssens

Steeds meer scholen krijgen te maken met kinderen die probleemgedrag stellen en zoeken antwoorden om hiermee beter te kunnen omgaan.
Een eerste vraag die moet leiden naar een goede oplossing is waarom kinderen dit gedrag stellen. Gaat het echt om probleemgedrag of eerder om ‘onaangepast schoolgedrag’? In een eerste deel van de werkwinkel staan we stil bij deze vraag.

In een tweede deel wordt ingegaan op de vijf pijlers van G. Patterson. Zij zijn de handvatten die leiden naar een preventieve aanpak en zorgen voor duidelijkheid en warmte in de omgang met de kinderen.

Tot slot leren we vanuit de preventiepiramide van J. Deklerck kijken naar onze eigen school en zoeken we de verbinding met Patterson’s pijlers.

Het doel van de werkwinkel is de deelnemers concreet bruikbaar materiaal aan te reiken om een schoolanalyse te kunnen maken m.b.t. de wijze waarop de school preventief omgaat met kinderen die moeilijk gedrag stellen.