Aanmelden




Laden…

Even geduld...

WW16: JUF, IK WIL STRAKS NIET NAAR HUIS!

Marleen Sterckx, CLB-begeleider en PVOC-verantwoordelijke voor psychisch en sociaal functioneren.

 In deze interactieve werkwinkel exploreren we uitgebreid het moeilijke thema van verontrusting en kindermishandeling.  Naast het “ABC van de kindermishandeling” maken we ook beknopt kennis met de “Integrale Jeugdhulp”.

Verder wordt het document “Handelen van school en CLB bij kindermishandeling gesitueerd in het zorgcontinuüm” voorgesteld en getoetst aan de praktijk op de schoolse werkvloer. Er wordt concrete informatie aangereikt over : Hoe beslissingen nemen bij (een vermoeden van) kindermishandeling ? Wie doet wat bij verontrusting of een vermoeden van kindermishandeling? Detectie en signaleren. Inschatten van de onveiligheid en dringendheid. Do en don’ts bij het voeren van een zorggesprek met de leerling èn met ouders,…

We gaan aan de slag met reële casussen en wisselen onze ervaringen uit.

 

WW17: VAN BASIS NAAR B-STROOM? HET ABC VAN DE B-STROOM.

Gerd Van Ael en Tom Debraekeleer, pedagogisch begeleiders Katholiek Onderwijs Vlaanderen.

 De meeste leerlingen die vanuit het basisonderwijs de overstap naar het secundair maken, stromen door naar de A-stroom. Sommige leerlingen volgen een andere weg en maken de sprong naar de B-stroom.

Een sprong in het onbekende, want wat gebeurt daar allemaal in die B-stroom? Wat maakt de B-stroom anders dan de A-stroom? Hoe worden leerlingen daar begeleid? Wat is de meerwaarde voor een leerling die het wat moeilijker heeft om naar de B-stroom te gaan? Aan welke voorwaarden moet je voldoen om aan de B-stroom te beginnen? Welke talenten kunnen leerlingen verder ontwikkelen in de B-stroom? En welke kansen krijgen leerlingen na de B-stroom?  Hoe kunnen we deze leerlingen en hun ouders best voorbereiden op de B-stroom, hoe kunnen we onze afweging om deze leerling naar de B-stroom te oriënteren zo goed mogelijk onderbouwen? 

Allemaal vragen die belangrijk zijn als je een leerling op weg zet om in het secundair onderwijs naar de B-stroom te gaan. Vragen waarop wij een antwoord proberen te bieden.

Tot slot voorzien we een (onzekere) blik op de toekomst: waar gaat het met de B-stroom naartoe in de hervorming van het secundair onderwijs?

 

WW18: WARM EN DUIDELIJK.

Fons Exelmans, teamleider banaba’s lerarenopleiding UCLL.

 Ouders en leerkrachten worden heden ten dage in toenemende mate geconfronteerd met een verlies aan autoriteit en gevoelens van hulpeloosheid en vertwijfeling met betrekking tot kinderen. Deze nieuwe realiteit doet een vraag rijzen, zowel praktisch als ethisch: 'Hoe kunnen ouders en leerkrachten uit hun hulpeloosheid geholpen worden zonder bestraffend en autoritair te worden?'

Bron: http://be.newauthority.net/

  

WW19: DE LEERKRACHT MAAKT HET VERSCHIL!

Albert Janssens, onderwijzer en onderwijscoach.

 Binnen het dagelijkse werk met kinderen is de leerkracht de spilfiguur die alles aanstuurt. Wanneer het fout loopt met een kind, zowel m.b.t. leren als m.b.t. gedrag, wordt die leerkracht al te vaak buiten beschouwing gelaten, terwijl daar vaak de oplossing ligt voor het kind.

Welke elementen van de leerkrachtstijl maken nu dat kinderen in hun kracht worden gezet? De mediatietheorie van Feuerstein, gekoppeld aan de leercirkel van Janssens vormen de basis. Vanuit praktijkervaringen (video) en oefeningen krijgen de deelnemers zicht op hoe ze kunnen werken aan hun eigen leerkrachtstijl.

  

WW20: VAN ONMACHT NAAR INVLOED.

Hilaire Dolfeyn, trainer in het vormingswerk NAGV (nieuwe autoriteit & geweldloos verzet) op school in Vlaanderen. 

Elke vorm van grensoverschrijdend gedrag waartegen leerkrachten en ouders zich niet uitdrukkelijk verzetten, is een gemiste kans om een veilig schoolklimaat te creëren. Dit is de inzet van Nieuwe Autoriteit en Geweldloos Verzet (NAGV).

 Leerkrachten en schoolteams die kiezen voor de weg van Nieuwe Autoriteit, kiezen ervoor om…

- aanwezig te zijn en te blijven in het leven van hun leerlingen, ook als het moeilijk loopt;

- zichzelf onder controle te houden en bewust, proactief het eigen handelen vorm te geven;

- te handelen als deel van een netwerk, in team en met ouders;

- in een transparante sfeer te werken: iedereen merkt hoe ze hun gezamenlijke autoriteit vormgeven;

- altijd te streven naar verbinding met kinderen of jongeren: 'Ik ben en blijf je opvoeder, ook als het moeilijk gaat laat ik je niet los.';

- zich te verzetten tegen iedere vorm van grensoverschrijdend gedrag op een niet-escalerende manier, krachtig en vastberaden.

 

WW21: MEGAJUF, SUPERMEESTER: OVER DE AANPAK VAN GEDRAGS- EN EMOTIONELE PROBLEMEN.

Klaar Hammenecker, kinderpsychologe en bemiddelaar.

 Leren en presteren, kennen en kunnen zijn dé voornaamste ontwikkelingstaken van je leerlingen.

Soms lukt het niet en lopen ze vast. Bovendien zitten er sinds de invoering van het M-decreet meer kinderen met bijzondere noden in onze klasjes.

Ook voor jou wordt het steeds duidelijker: leren is een complex gebeuren, het is niet alleen een kwestie van kunnen maar vooral van aankunnen.

De ene leerling reageert (faal)angstig en blokkeert, terwijl de andere storend en ongepast gedrag vertoont. Hebben die leerlingen nood aan een 'Megajuf' of een 'Supermeester'?

 In deze nascholing leer je opvoedings- en onderwijsnoden herkennen en zorgvuldig benoemen. Je ontdekt en ontwikkelt specifieke vaardigheden en bruikbare methodieken om er een gepast antwoord op te bieden Tenslotte komen ook mogelijke valkuilen en struikelblokken aan bod.

  

WW 22: DYSLECTISCH .... EN DAN?

Bieke De Becker, eravringsdeskundige dyslexie.

 Ervaringsgerichte lezing:

 - actief dyslexie ervaren;

- beknopte theoretische uitleg;

- zelf problemen ervaren;

- zelf hulpmiddelen ontdekken;

- oog krijgen voor de gaven;

- aanbod eenvoudige hulpmiddelen.

  

WW23: IK ‘ZIE’ HET ANDERS!

Marc Litière, systeemtherapeut in de psychomotoriek.

 Motto: bekijk het van twee kanten!

Tijdens deze werkwinkel worden er antwoorden gegeven op volgende vragen:

 - Wat zijn richtingsmoeilijkheden en welke signalen zijn er ?

- Hoe komt het dat kinderen spiegelen en letters en cijfers omkeren ?

- Wat is nog normaal en wanneer is het een probleem ?

- Wat is het verschil tussen richtingsmoeilijkheden en –problemen ?

- Welke aanverwante problemen zijn er ?

- Is dit dan dyslexie en dyscalculie ?

- Wat kunnen we doen bij richtingsmoeilijkheden ?

- Dit is niet fout: voorbeelden van anders redeneren.

- Welke feedback wordt er gegeven en kan dit anders ?

- Welke oefeningen kunnen we geven aan kinderen met richtingsmoeilijkheden?

- Wat is de link met faalangst, schrijven, lezen, schoolrijpheid ?

  

WW24: BINNENKLASDIFFERENTIATIE: STERK VOOR DE ZWAKKEN, EEN ZWAK VOOR DE STERKEN!

Nele Van Oosten, onderwijscoach CEGO.

 Om alle kinderen aan te spreken op hun niveau, hun talenten, hun zorgen, wordt er van leerkrachten verwacht dat ze differentiëren. Via gevarieerde werkvormen en in interactie met elkaar met foto- en filmmateriaal uit de hedendaagse klaspraktijk, krijgen de cursisten voorbeelden en ideeën aangereikt.

Volgende vragen komen aan bod:

- Hoe eenvoudig starten met differentiëren tijdens wiskunde en taallessen? Vanaf het 1ste leerjaar tot de 6de klas!

- Hoe een simpele en krachtige didactiek uitwerken om de niveauverschillen in de klas elke dag op te vangen?

- Hoe begin je met dagcontracten én weekcontracten?

- Hoe werk je efficiënt met homogene –en heterogene groepen?

- Hoe win je tijd in je klas en geef je korte en doelgericht instructie?

  

WW25: PRATEN MET KINDEREN ... HOE DOE JE DAT?

Lies Ledegen, kindertherapeute en nascholer.

 Als leerkrachten willen we zo graag dat kinderen zich goed in hun vel voelen en dat ze komen vertellen wanneer hen iets dwars zit. Maar hoe kan je kinderen uitnodigen tot praten en wat als een kind jou iets moeilijk komt vertellen. Wat als een kind weigert om iets te doen? Zolang je niet precies weet wat er in het hoofd van het kind omgaat, kan je er immers niet achter komen wat zijn gedrag stuurt. Hoe kan je het kind aanzetten om door te gaan in zijn of haar verhaal?

Kinderen komen niet vanzelf tot communiceren. Ze hebben er onze hulp bij nodig. Uit onderzoek blijkt dat het kunnen woorden geven en afstand nemen van je gedrag, je voelen, je denken een zeer belangrijke vaardigheid is om vanuit zelfvertrouwen in de wereld te staan.

 We reiken een kader aan waarbij het duidelijk wordt waarom een kind dat emotioneel is, eerder boosheid kan tonen of zich verstopt achter een muurtje. Dit afwerende gedrag maakt ons duidelijk dat het kind vastloopt. Hoe kan je dit kind helpen met het signaalgedrag?

 We gaan in de workshop ook praktijkgericht aan de slag.

  

Rondetafelgesprek 2: collegiale consultatie over volgende zorgthema’s:

- Hoe organiseren we een positieve aanpak voor anderstalige leerlingen?

- Hoe formuleren we een goede zorgvraag?

 

Rondetafelgesprek 3: collegiale consultatie over volgende zorgthema’s:

- Hoe werk ik een goed huiswerkbeleid uit in mijn school?

- Wat doen we met weglopers op school?  En hoe gaan we om met fysieke interventies van leerkrachten?

 

Rondetafelgesprek 4: collegiale consultatie over volgende zorgthema’s:

- Hoe pakken we radicalisering aan op school?

- Hoe gaan we positief om met weerstanden van ouders en leerkrachten?